www.voetsporen.net

Op bezoek


Op bezoek 1 juni 2009

Gister, zondag 31 mei, eerste Pinksterdag, snelde ik vanuit de pinksterviering in de Janskerk naar het station.
Een kleine 5 minuutjes fietsen en ik arriveerde bij de andere ingang dan normaal. Een nieuwe bewaakte fietsenstalling was er gebouwd. Een groot bord maakte me duidelijk dat het stallen daar gratis was - vast om het foutparkeren tegen te gaan- en ik reed in volle vaart op de ingang af...
Aaargh, een trap in plaats van een taludje!!  Ik remde met volle kracht en donderde nog net niet naar beneden in mijn zomers, zondags, Pinksterpak...

Horloge

M'n fiets slordig gestald, zo dicht mogelijk bij de ingang, want... ik had een béétje haast om de trein te halen, zodat mijn vader me in Ede op kon pikken van het station, waar ook mijn opa en oma in de auto zouden zitten.
Kaartje kopen, naar het perron, 10 minuten te vroeg... oh ja! M'n horloge loopt standaard voor!!  Echt een supertruc, elke keer als ik haast heb vergeet ik dat!

Bloemen in A4 formaat

Maar het haasten was nog niet voorbij. Terwijl ik op de trein wachtte realiseerde ik me dat ik de bloemen uit de kerk vergeten was mee te nemen, die ik morgen dan langs zou brengen bij iemand die wel een hart onder de riem kan gebruiken.
Ik belde m'n vader op om te zeggen dat ik de trein toch niet ging halen en snelde terug naar de stalling, naar de kerk en weer terug naar de stalling, dit keer met een bosje bloemen. Verpakt in 2 verpakkingen van A4-kopieerpapier... kennelijk was het originele papier nergens te vinden ;)
Ik legde de bloemen even op de afvalbak van de toezichthouder met de mededeling dat ik ze zo mee zou nemen. De voorspelbare grap bleef niet uit... Hoeveel buschauffeurs ik die grap in mijn leven al heb horen maken. Ik glimlachend: 'Nee, nee,  ze zijn niet voor jou.'

Reizen in 15 minuten...

Terug op het perron, constateerde ik dat ik de volgende trein nog zou halen, het heen en weer reizen had me slechts 15 minuten gekost. Ik mijn vader weer bellen. Tjongejonge. Het is al een uitzondering dat hij me ophaalt, áls het dan gebeurt is er altijd wel wat. Maar goed. M'n opa, oma en hij wilde wel even wachten in Ede, dus ik was allang blij.

Gewoon gek doen is moeilijk genoeg

In de trein drink ik een kopje thee en lees verder in m'n huidige roman 'Veronika besluit te sterven' van Paulo Coelho. Een aanrader voor wie even de fut in zijn leven kwijt is. Niet dat ik dan ben, maar ik wil het toch even zeggen. Ik had hem op schrijver geselecteerd, niet op de samenvatting op de achterkant. Moraal van de roman: Denk aan wat je zelf het liefste wil niet aan wat anderen van je verwachten; in het besef van de dood leven mensen intenser; doe maar of je gek bent dan is alles wat je wel of niet doet geoorloofd (in plaats van 'doe maar normaal dan doe je al gek genoeg'); wees gek en wees er trots op. Waarbij 'gek' ingevuld wordt als 'anders durven zijn', 'jezelf zijn'.

Bloemen in de kiosk

In Ede op het station zie ik de auto van mijn vader zo snel niet staan en ik ren nog even de bloemenkiosk in voor een mooie bos voor mijn moeder. Een oude oma is me net voor, maar zij heeft geen haast en het ziet er naar uit dat ze er nog even over gaat doen eer ze een bos gekozen heeft. Op het moment dat ze aan de verkoper meedeelt dat ze zelfs 2 bossen wil, denk ik 'oh, dit gaat láng duren' en maak ik van het spreken gebruik om te vragen over ik even voor mag. Ik kies de meest fleurige die ik zie, die nog net binnen m'n budget valt. Als ik de kiosk weer uitkom zie ik de auto opeens staan. Stond die daar de hele tijd al??

Gedag zeggen

In ieder geval zijn we compleet en kan de reis naar Doesburg beginnen. Mijn oma en ik zitten naast elkaar op de achterbank, mijn opa zit voorin. Nu ik hen niet op de normale manier begroet, denk ik na over de normale begroetingen en realiseer me hoe hartelijk die altijd zijn. Van hen beide. Uit het hele gedag zeggen blijkt dan blijdschap dat ze me zien. Hebben ze dat altijd zo gedaan? En hoe doe ik dat? Bij hen, bij andere mensen?

Neem waar!

Als we door een tunnel van groen gaan, valt het ook mijn opa op hoe groen het is. Ook merkt hij wanneer de hei begint, dat de schapen in de wei staan bij de schaapskooi en waar ongeveer de afslag naar Nijmegen op de snelweg zit. Hij doet die waarnemingen voor een belangrijk deel op zijn geheugen omdat de MD (macula degeneratie) ervoor zorgt dat hij alleen via de zijkanten van zijn gezichtsveld nog een klein beetje ziet. In het verleden heeft hij zoveel kilometers langs deze weg, in dit gebied gemaakt, dat hij weet wat zich langs de weg bevindt.

En de IJssel ontspringt bij...

Op de terugweg, later op de dag, als de avondzon fel en scherp schijnt, merkt hij op dat hij de hevige schittering op het IJsselwater beter ziet dan de weg voor ons. Waar ontspringt de IJssel eigenlijk, vraagt hij zich hardop af. Gelukkig weet mijn vader dat snel te beantwoorden, ik moet er aanzienlijk langer over nadenken. Oh ja, een zijtak van de Rijn. Hij is even stil en zegt dan: en hij mondt uit in het Veluwemeer toch? Bij die opmerking nam ik me voor: Leer wat je leren kunt, wees leergierig en nieuwsgierig, zo vaak en zo lang als je kunt, want er komt misschien een tijd dat je niet meer zelf op zoek kunt naar informatie. Dat je afhankelijk bent van anderen om informatie op te zoeken over dingen waar je iets over weten wilt.

Watter maten

Als we aankomen in Doesburg rest ons een rustige middag buiten in de tuin, in de schaduw. Ik ga nog op stap met mijn kleine neefje van 2,5.  Hij wil niet naar een speeltuin, hij wil gewoon ver weg ;)  Wandelen met een mens van 2,5 jaar oud. Wauw. Hij lacht om ons rennen, mijn overdreven kleine stapjes, hij wordt boos als ik de madeliefjes tot een ketting rijg die hij als bosje aan zijn oma wil geven. Mijn moeder. Zou ik ooit een bosje madeliefjes krijgen van een mens van 2,5? En van 39,5? Haha. We maken een spel van 'geheimzinnige steegjes' en vragen ons af of de konijnen soms slapen in hun holen omdat we ze niet zien. Hij stelt voor dat we ze gewoon 'watter maten', zodat we ze wel kunnen zien. Als we later weer thuis zijn, showt hij trots als een pauw zijn geplukte, nog onrijpe sierappel aan iedereen die hem wil zien en ruiken.

Ringleiding

Op de tuintafel tussen de hapjes ligt het apparaatje dat mijn opa en oma op proef hebben. Het hoort bij een apparaatje dat bij mijn opa om zijn nek hangt. Hij is behoorlijk doof en beide dingen samen vormen een ringleiding waardoor hij de gesprekken in het gezelschap kan volgen. Ondanks dat we in de open ruimte zitten werkt het heel goed. Voor de mensen die ver weg zitten dan. Zodra je naast hem zit en de microfoon zich niet meer tussen jou als spreken hem als luisteraar bevindt gaat het mis. Ze hebben hem op zicht en kunnen hem nu in het gezelschap goed uittesten.

Beige Esprit sneakers

Mijn oma wordt er soms kriebelig van, van al die hulpmiddelen voor visuele en gehoorbeperkingen. Zíj moet alle knopjes óók van buiten kennen en de fouten herstellen als mijn opa op een verkeerd knopje heeft gedrukt. Ziet er hip uit mijn oma van 80. Met haar lichte spijkerbroek, beige Esprit sneakers en een kleurrijke zijden blouse. Ook draagt ze een ketting, een ronde donkerblauwe steen, in een goudkleurige hanger. In de auto vertelde ze hoe ze een paar weken terug weer op de fiets was gestapt. Na 2 jaar! Ze had geen zin om weer op de bus te wachten en het was goed weer. Gaaf toch. Laat haar maar lekker boeken, tijdschriften, kranten lezen in plaats van die apparaatjes bedienen. Ik denk dat ik veel van haar genen heb. Mijn sproeten heb ik van haar, maar ook mijn reislust, ondernemingsdrang, doorzettingsvermogen.

Via Rehbrücke in 1943

Als mijn opa en ik op een gegeven moment even met ons tweeën in de tuin zitten, vraag ik hem wanneer hij nou precies uit Nederland wegging. In 43. Ik twijfelde of dat klopte, maar ja dus. Hij zat een paar dagen in het doorgangskamp Rehbrücke, net buiten Berlijn. Daar werden elke dag namen van jongens en mannen omgeroepen die zich moesten melden voor het leger of werk. Op dat moment stuurden ze alleen nog de mannen naar het leger die dat vrijwillig wilde. Mijn opa wilde het leger niet in en werd naar de fabriek in Berlijn gestuurd. Na een half jaar werd de fabriek platgebombardeerd (hij had toen geen dienst) en is hij naar de 'nieuwe locatie' in Silezië getransporteerd.

Rood Wit Blauw met trots gedragen

Terwijl hij dat vertelt, en nog meer, spreekt hij voor de zoveelste keer zijn verbazing uit hoe ik ooit in Berlijn, dat was geloof ik in 2001, foto's heb gemaakt van de plek waar de fabriek daar stond en zijn lager en waar ze eten moesten halen, en waar de halte was van de tram naar de stad. De tram waarin ze met grote trots de rood-wit-blauwe vlaggetjes op hun borst droegen. Ze hadden die gekocht in een warenhuis in Berlijn. Joden en Polen bedekten hun sterren en P's, maar Nederlanders showden hun vlaggetjes vol trots. Hij kan er nog steeds niet over uit hoe ik dat zo precies heb kunnen vinden. Nou, door zijn sprekende verhalen en aanwijzen op de stadsplattegrond!